Rechter verbiedt pensioenbeleggen in hedgefunds
10 Januari 2012 22:03
Leeuwarden, 10 januari 2012
De rechtbank Amsterdam heeft op 21 december 2011 nieuwe regels gesteld voor beleggingen in pensioenportefeuilles. De rechtbank was van oordeel dat beleggingen in hedgefunds zich niet lenen voor een defensieve pensioenportefeuille.
De feiten van de casus zijn in het kort als volgt. In de zomer van 2007 kwam een vermogensbeheerovereenkomst tot stand tussen een belegger en de vermogensbeheerder. Het te beleggen vermogen had een pensioenbestemming en het cliëntprofiel vermeldde dat het vermogen volledig risicomijdend moest worden belegd. Tussen maart en juni 2008 stortte de belegger een bedrag van ruim EUR 920.000. De vermogensbeheerder belegde dat bedrag voor ruim 80% in hedgefondsen. Dat zijn beleggingsfondsen met ongebruikelijke beleggingsstrategieën, veelal op basis van een hefboom. Deze fondsen zijn vaak niet beursgenoteerd (dat heeft invloed op de verhandelbaarheid) en zijn in het algemeen weinig transparant. Via een belegging in een hedgefonds kunnen grote rendementen worden behaald, maar de risico's zijn aanzienlijk. Eén van de hedgefunds was Fairfield Sigma. Dat fonds heeft in Nederland enige bekendheid gekregen door de Madoff-affaire: het werd door een van Madoff's ondernemingen gemanaged. In de zomer van 2008 - de vermogensbeheerovereenkomst is dan ongeveer één jaar oud - is er van de oorspronkelijk ingelegde EUR 920.000 nog ruim 703.000 over. In die periode is dus bijna EUR 220.000 aan pensioen afgebouwd. Toen de belegger daar achter kwam, heeft hij onverwijld de portefueille geliquideerd.
De rechtbank oordeelde dat de vermogensbeheerder zich niet aan zijn afspraken heeft gehouden, en dat hij zijn zorgplicht heeft verzaakt. De vermogensbeheerder had niet mogen beleggen in de hedgefunds: de rechtbank is van oordeel dat deze beleggingen niet risicomijdend zijn. Dat blijkt onder andere uit de prospectussen. Het prospectus van Fairfield Sigma vermeldt in de risicoparagraaf zelfs het frauderisico. Naast het feit dat de vermogensbeheerder zich niet aan de afspraken had gehouden, is dat voor de rechtbank aanleiding om dat frauderisico voor rekening van de vermogensbeheerder te brengen. Bijzonder is dat de rechtbank in een eerder - voorlopig - oordeel nog had aangegeven dat de fraude niet voorzienbaar was. Maar omdat de vermogensbeheerder geacht moest worden van dit risico op de hoogte te zijn geweest, dient zij toch de volle schadevergoeding te betalen.
De vermogensbeheerder had zich nog op het standpunt gesteld dat de belegger geduld had moeten oefenen totdat de hedgefunds zich weer in waarde hadden hersteld. De rechter maakt daar korte metten mee: de belegger had, door zo doortastend te handelen, juist voldaan aan zijn verplichting tot schadebeperking. Dat is van belang: als een belegger wacht terwijl schade lijdt, en niet ingrijpt, kan hij de schade die is ingetreden nadat hij daarvan op de hoogte is geraakt, niet op de vermogensbeheerder verhalen.
Voor een correctie wegens eigen schuld ziet de rechter geen aanleiding. Dat is in vermogensbeersituaties ook niet zo snel aan de orde, omdat de vermogensbeheerder degene is die de verantwoordelijk is voor de aard en de samenstelling van de effectenportefeuille.
Advocaat Harm Jan Tulp was over deze uitspraak te horen in het radioprogramma BNR Juridische Zaken van 10 januari 2012. Een link naar de uitzending vindt u hier.
Een link naar de uitspraak van de rechtbank Amsterdam vindt u hier.
Harm Jan Tulp is te bereiken op tulp@tulpadvocaten.nl of telefonisch via 058 299 11 31.

